Langdurige droogte. Het is een fenomeen dat we in België en Nederland niet gewoon zijn, maar hoe langer hoe meer zullen meemaken. En het heeft gevolgen voor de gezondheid en het welzijn van je paard. Zoals voedingstekorten, droge hoeven, zandkoliek en zelfs hoefbevangenheid.
Volledige tekst overslaan, en direct naar een korte samenvatting ? Klik hier.
VoedingstekortenIn het voorjaar liep je paard nog op een mooie groene weide. Die weide is nu veranderd in een kale vlakte met wat roestig, verdord gras. Op enkele vezels na heeft dat gras geen enkele voedingswaarde meer. Als eigenaar zul je dus hoe dan ook moeten bijvoeren.

Een paard heeft per dag minimaal 1.25 tot 1.5 procent van zijn lichaamsgewicht aan droge stof uit ruwvoer nodig. In hooi zit zo'n 80 procent droge stof, in voordroog 65 procent. Gemiddeld, want de gehaltes kunnen per partij sterk uitéénlopen. Een warmbloed van 600 kilogram zal per dag dus minstens 10 kilogram hooi, of 16 kilogram voordroog moeten krijgen, en dat is echt een minimum.
Voer niet rechtstreeks van de grond. Op die manier krijgen de paarden teveel stof en zand binnen. Gebruik liever een ruif, of eventueel een hooinet. Geef die 10 kilogram hooi of 16 kilogram voordroog ook niet in één keer, maar verdeel het ruwvoer over meerdere voerbeurten per dag.

Groen gras bevat vitamines en mineralen, in het bijzonder vitamine E en bèta-caroteen. Paarden gebruiken bèta-caroteen om vitamine A aan te maken. Tijdens de productie van hooi en voordroog gaan veel vitamines verloren.
Bij hooi is het directe verlies na maaien en drogen al zo'n 30 tot 80 procent. Tijdens de opslag wordt het verlies alsmaar groter, en aan het eind van de winter bevat hooi vrijwel geen actieve vitamine E en bèta-caroteen meer.
Voordroog doet het op dat vlak beter. Na het maaien en een veel korter droogproces verliest voordroog maximaal 30 procent van de aanwezige vitamines. Omdat voordroog luchtdicht wordt verpakt, stopt de afbraak door zuurstof en uv-licht bijna volledig. De vitamines blijven dus aanwezig, tot de baal wordt geopend. Op dat moment komt er zuurstof bij, en gaan vitamine E en bèta-caroteen opnieuw afbreken.
MineralenNaast vitamines, zijn ook mineralen belangrijk voor de gezondheid van je paard. Gras bevat een lange reeks aan mineralen, onder andere calcium, fosfor en magnesium. Over het algemeen dekt gras ruim de behoefte, met uitzondering van natrium (zout), selenium, koper en zink.
Waarom die uitzonderingen ? Gras neemt sowieso geen of erg weinig natrium op, en zowel in België als Nederland is de bodem arm aan selenium. Wat niet in de bodem zit, komt ook niet in het gras.
Koper en zink, dat is een ander verhaal. Puur cijfermatig bevat gras genoeg koper en zink, maar het probleem is dat er in België en Nederland ook enorm veel ijzer in de grond zit. Mineralen werken niet los van elkaar. Een overschot aan ijzer blokkeert de opname van koper en zink. Dat heeft voor gevolg dat paarden tóch een tekort aan koper en zink kunnen ontwikkelen.
Tekorten worden geaccentueerd als paarden alleen hooi of voordroog eten. Nee, mineralen breken niet af onder de invloed van zonlicht of zuurstof, zoals vitamines dat wel doen. Er zitten net zoveel mineralen in hooi en voordroog als in gras. Alleen, de biologische beschikbaarheid in hooi of voordroog is veel kleiner.
Mineralen in gras worden goed opgenomen, mineralen in voordroog nog redelijk, en mineralen in hooi vrij slecht. Kortom, tijdens periodes van langdurige droogte, als paarden vrijwel uitsluitend hooi of voordroog eten, zul je als eigenaar een tekort aan mineralen moeten compenseren.

Hoe doe je dat ? Door een liksteen ter beschikking stellen. Niets speciaals, de standaard witte liksteen van KNZ voldoet uitstekend. Daarmee is de behoefte aan natrium alvast gedekt.
Hoe zit het met koper, zink en selenium ? Als je paard minstens twee kilogram krachtvoer krijgt per dag, is er geen probleem. Krachtvoer in de aanbevolen hoeveelheid bevat voldoende toegevoegde mineralen om de behoeftes te dekken.
Krijgt je paard echter geen, of weinig krachtvoer, dan zul je aan een balancer moeten denken. Een balancer is een brok met een hoge concentratie aan vitamines en mineralen. Daarvan geef je iedere dag een handvol aan je paard. Veel merken bieden een proefpakket aan, en dat is geen overbodige luxe. Niet alle paarden willen een sterk geconcentreerde mineralenbrok eten.
Droge hoevenPeriodes van droogte leiden bij paarden bijna onherroepelijk tot droge hoeven, en eventueel brokkelhoeven. De hoeven van een paard zijn van nature elastisch. Tijdens periodes van langdurige droogte echter drogen de hoeven uit. Op die manier gaat de elasticiteit, en daarmee ook de schokdempende werking van de hoeven voor een stuk verloren.
Uitdrogen van de hoeven kun je alleen met water voorkomen. Alleen water dringt namelijk voldoende in het hoorn van de hoef door. Het is dan ook verstandig om de hoeven regelmatig goed nat te zetten. Dat kan met een tuinslang of een spons. Nat zetten van de hoeven doe je 's avonds, als de zon laag staat en de grootste hitte verdwenen is, zodat het water niet direct weer verdampt.
Hoefvet gebruiken is geen goed idee. Op een kurkdroge weide werkt het vet als een magneet op stof en fijn zand. Dat vormt binnen de kortste keren een soort schuurpasta op de hoefwand, wat de hoorn rond de kroonrand juist kan irriteren.
ZandkoliekPaarden op droge weides blijven knabbelen. Omdat het gras niet groeit, gaan ze op zoek naar de allerlaatste millimeter gras. Hierbij trekken ze gikwijls de wortels inclusief droge grond en zand mee omhoog.
Zand is zwaar en zakt naar de bodem van de dikke darm. Dat veroorzaakt darmirritatie, diarree en in het ergste geval zandkoliek.
Wat kun je doen om zandkoliek te voorkomen ? Eigenlijk mag een paard niet op een weiland staan met gras dat korter is dan vijf centimeter. Dat klinkt logisch, maar het is in periodes van langdurige droogte niet altijd haalbaar. Regelmatig en ruim voldoende ruwvoer bijvoeren helpt, alleen moet dat wel in een ruif of een hooinet gebeuren. Gooi je het hooi of de voordroog gewoon op de grond, dan zal dat zandopname net in de hand werken. Je paard op stal zetten is natuurlijk de meest efficiënte ingreep, maar dat is wel erg drastisch.

Wetenschappelijk is aangetoond dat psyllium (vlozaad) kan helpen om zand te evacueren uit de darm, maar we spreken dan over doseringen van 600 tot 1.200 gram, die via een neus-maagsonde worden toegediend. Dat is werk voor een veearts. Af en toe wat psyllium of gekookt lijnzaad door het voer mengen is ongetwijfeld niet verkeerd, maar het zal zandophoping niet voorkomen.
Eerste regenHet gevaarlijkste moment voor een paard tijdens een lange periode van droogte komt paradoxaal genoeg na de eerste regen. Tijdens droogte stopt de groei van het gras, maar de zon blijft via fotosynthese suikers aanmaken. De plant kan de suikers niet direct gebruiken, zet de suikers om naar fructaan, en slaat het fructaan op in de wortels.
De eerste regenbui activeert de wortels, en het gras begint explosief te groeien. Dat resulteert in jonge, groene, malse sprietjes waar paarden gek op zijn. Jammer genoeg zit dat eerste gras vol fructaan.
Op zich is er niets verkeerd met fructaan. Je zou het makkelijk als een prebioticum kunnen gebruiken. Het probleem zit in de hoeveelheden. Krijgt een paard massaal veel fructaan binnen, dan daalt de Ph in de dikke en blinde darm, en de omgeving wordt zuurder. Bepaalde bacteriën kunnen in zo'n zure omgeving niet leven. Die bacteriën sterven af, met als gevolg dat gifstoffen in het bloed terecht komen. Precies dat kan verschrikkelijk snel leiden tot hoefbevangenheid.
Wat kun je doen om dat te voorkomen ? Laat je paard na de eerste regen niet metéén 24 uur op het weiland. Beperk in eerste instantie de weidegang, en bouw dat langzaam weer op. Dat is trouwens ook beter voor het herstel van de grasmat. Op die manier komt er een einde aan de droogte zonder dramatische gevolgen.
Verdord gras heeft weinig of geen voedingswaarde. Als eigenaar zul je moeten bijvoeren. Dagelijks tien kilogram hooi, of 16 kilogram voordroog voor een paard van 600 kilogram.
Hooi en voordroog bevatten weinig vitamines. Mineralen zijn wél aanwezig, maar worden moeilijk opgenomen. Dat kun je opvangen door ofwel krachtvoer, ofwel een balancer te gebruiken.
Langdurige droogte leidt bij paarden onherroepelijk tot droge hoeven. Probeer de hoeven regelmatig nat te zetten. Dat kan met een tuinslang of een spons.
Zandkoliek is bij droogte een reëel gevaar. Dat paarden zand opnemen is moeilijk te vermijden. Regelmatig en dikwijls bijvoeren helpt.
Bij de eerste regen schiet het gras explosief omhoog. Jammer genoeg zit dat gras vol fructaan, met een fors risico op hoefbevangenheid. Laat je paard niet metéén 24 uur op het jonge gras lopen. Beperk de weidegang, en bouw langzaam weer op.